M
Het ontwerp van een kluis
Op zoek naar de gouden sleutel
Jos Leusink werkt al meer dan 25 jaar aan het ontwerpen van kluizen die hoofdbrekens geven aan krakers, brekers en andere boeven. Maar de onbreekbare kluis bestaat niet. Het gevecht gaat vooral om tijd.
____________________________

Aan het einde van de jaren 80 gierde de inflatie in het toenmalige Joegoslavië. Jos Leusink was een paar jaar daarvoor begonnen op de tekenkamer van Martens Brandkasten, waar op dat moment 3 tekenaars werkten. De inwerktijd was kort, en hij was een van de drijvende krachten achter een opvallend project: een geldcassette-automaat waar winkeliers bij de bank hun dagopbrengsten in konden afstorten, en een nieuwe lege cassette terug ontvingen – en in dit geval, een enorme automaat voor een Joegoslavische bank, want door de geldontwaarding dienden de cassettes groot genoeg te zijn voor zakken vol met stapels bankbiljetten. 7 meter hoog, 5 meter breed – het totale apparaat was zó groot, dat een deel van de fabrieksvloer bij Martens werd uitgegraven om het geheel te kunnen bouwen. Jos Leusink kon zijn passie voor het ontwerpen aan de tekentafel uitleven, en na dit project volgde nog vele anderen: stralingsdeuren voor ziekenhuizen, een modernisering voor de kluis van de Nederlandsche Bank in Willemstad, celdeuren voor in de gevangenis.

Martens werd Rosengrens en daarna Gunnebo, en inmiddels is het ‘assortiment’ teruggebracht naar, in hoofdzaak, één product: de ATM-kluis, voor gebruik in PIN-automaten. Jos Leusink werd Manager Engineering, en deed met enige spijt afstand van het ontwerpen – het tekenen, inmiddels natuurlijk op een computerbeeldscherm. Toch is daarmee de diversiteit in zijn werk niet verloren gegaan. Ter illustratie: in 2006 reist hij met leden van zijn team naar Italië, waar de alarmbellen bij de banken en de politiebureaus waren afgegaan door de eerste ‘gaskraken’. “We zijn daar toen direct met 4 standaard ATM-kluizen naar toe gegaan, die vervolgens opgeblazen met gas, en daarna zijn we met een groep specialisten bij elkaar gaan zitten om na te denken over oplossingen. Een stalen draad om de binnenkast? Zorgen dat het geld verbrandt bij een aanval? De meeste ideeën voldeden toen niet. Het duurde even voor we op het idee kwamen om te zorgen dat de druk, die zich tijdens de explosie opbouwt, kan wegvloeien; dus in plaats van er voor te zorgen dat de kast zo sterk is dat er niets gebeurd, zorgen we ervoor dat de druk weg kan, net als bij een fluitketel. Na 3 jaar vechten en martelen als team hebben we in 2009 uiteindelijk de certificaten gehaald voor deze oplossing. Ook al wordt de kluis met daarin de PIN-apparatuur, helemaal volgepompt met gas, dan zal de kluis bij een explosie dichtblijven. Maar het blijft een ‘kat en muis’ spel. Tegenwoordig worden er steeds grotere hoeveelheden vaste explosieven gebruikt, en dan worden onze kasten toch weer te kwetsbaar. Het blijft een continue proces: het zoeken naar meer weerstand tegen allerlei soorten aanvallen”.

Kluizen zijn opgebouwd uit wanden en een deur (de panelen) en daarbij het ‘regelwerk’ – het slotwerk. Gunnebo levert verschillende typen regelwerk – cijfer-combinatiesloten, elektronische sloten en klassieke sloten (met een sleutel) – afhankelijk van de wens van de klant, die aan de uiteindelijke PIN-automaat, als het systeem aan een bank wordt geleverd, nog allerlei elektronische beveiligingen toevoegt. De bouwstenen voor de panelen zijn voornamelijk staal en beton. De sterkte – de weerbaarheid – van een kluis moet bij elke significante technische aanpassing, bijvoorbeeld in de wanddikte van panelen, worden gecertificeerd. Voorwaarde voor certificering voor een bepaalde weerbaarheidsklasse (de grade) is het doorstaan van een ‘aanval’ op een nieuw type paneel (of een complete kluis, als ook het regelwerk wordt gewijzigd) bij een ‘testhuis’.

“Per jaar brengen we ongeveer20 tot 25 nieuwe modellen uit. Die worden niet alleen hier geproduceerd, maar ook bijvoorbeeld in China en India. Maar hier in Doetinchem vinden alle ontwikkeling, en de aanvragen voor certificeringen plaats. Als een klant een nieuwe ATM-kluis vraagt, en nieuwe vorm, dan kijken we of dat met de bestaande certificaten kunnen realiseren. Maar soms wijken bijvoorbeeld de nieuwe wanddiktes te veel af – die hebben we dan niet ‘op de plank’ liggen. Van de delen die specifiek zijn voor het nieuwe ontwerp maken we dan verschillende proefpanelen, opgebouwd uit een variatie van materialen. Denk aan beton, of juist plastic of hout, of een bewapening met staal. Verschillende combinaties hebben een verschillende weerstand tegen slijpen, boren of bijvoorbeeld branden. Die panelen sturen we vervolgens naar een testhuis om te kijken of ze voldoen aan de eisen voor een bepaalde gradatie. “

“Alles is te kraken. We hebben in het verleden kluizen gebouwd voor de Nederlandsche Bank – als je ziet hoe die zijn opgebouwd, dat komt aardig in de buurt van ‘niet te kraken’. Op zich zou ik die zelf, als ik voldoende tijd en technische middelen had en dagenlang ongestoord kon werken, misschien ook nog wel open krijgen. Je zoekt dan naar de zwakke plek. Maar eigenlijk koop je met een kluis, en ook met een ATM-kluis, vooral tijd. Hoeveel tijd weerstaat een kluis een aanval met een thermische lans, met een snijbrander of boor, met explosieven, vóórdat de politie arriveert? Zo zijn de grades ook opgebouwd. Het eenvoudigste type kluis, de CEN-L – daarvoor heb je misschien maar een kwartier nodig om hem open te krijgen. Verder vanaf CEN-1 tot aan CEN-6 (VI) neemt die tijd toe. Wij maken hier in Doetinchem als ‘sterkste’ kluis de CEN-4 (IV), maar zouden ook CEN-6 kluizen kunnen produceren – die kennis ligt op het schap. Die werden in het verleden bijvoorbeeld op booreilanden gebruikt, waar post-pakketten eerst een periode in zo’n kluis werden gelegd, ter voorkoming van aanslagen. “

“Maar grade 4 ATM-kluizen– dat is voor ons team ook een hele uitdaging. Het gaat om relatief steeds dunnere wanddiktes. De wand van een ‘normale’ grade 4 kluis is wel 100 millimeter dik, wij gaan terug naar 40. Die wand moet wél even sterk zijn. Het gewicht, en de ruimte die een kluis inneemt in een PIN-installatie– de footprint – dat zijn de drijfveren voor die dunnere wanddiktes. Daarbij kunnen we niet alle materialen gebruiken die je puur vanuit het oogpunt van engineering zou kunnen bedenken, omdat de productiekosten voor een bepaalde grade natuurlijk leidend zijn. Dat is weleens jammer. Maar vooral met beton kun je heel veel spelen. Met vezels. Sterk of juist breekbaar – misschien is dat juist wel een voordeel, als beton makkelijker breekt bij een aanval. En verschillende soorten bewapening. Die combinaties bedenken en testen – dat is de gouden sleutel om een zo sterk én goedkoop mogelijk product te maken. En creatief zijn bij het bedenken van andere oplossingen. Denk aan het gebruik van inktpatronen die het geld vernietigen als er een aanval op een kluis plaatsvindt. Dat zijn de leuke dingen om mee aan de slag te gaan.”

Jos Leusink.

Het ‘managen’ van de afdeling Engineering – daardoor komt hij zoals gezegd niet meer toe aan het echte ontwerpen. Wel het nadenken over de oplossingen, maar niet het met geduld en kennis tekenen van een technische oplossing – een vaak creatief proces waarbij belangrijke innovaties tot stand kunnen komen. Toch denkt hij er niet over om (bijvoorbeeld) voor zichzelf te beginnen, en onbreekbare kluizen te ontwerpen voor rijke sjeiks of investeerders. “Nee! Ik zou mijn vrienden en collega’s missen. Wat is er nou leuker dan om met een team samen te werken, om met zijn allen iets te bereiken? We hebben een collega die voor zichzelf is begonnen, die huren we zo nu en dan in. Maar het zou niets voor mij zijn. Ik had wel graag zelf nog ontworpen – dat is een passie van mij. Misschien dat ik er vroeger of later weer naar terugkeer. Thuis heb ik wel die ruimte om creatief te zijn– dingen zelf te maken. Een carport ontwerpen, een deel van het huis schilderen. “

Toch heeft hij nooit spijt gehad van zijn keuze voor de fabriek in Doetinchem. Meer dan 26 jaar geleden, net klaar met zijn zomerbaantje bij Martens, stond hij op het punt om met vakantie te gaan, om daarna een stage te gaan volgen bij hetzelfde bedrijf. Hans Salemink, toenmalig hoofd van de kleine afdeling, belde hem op. “We hebben hem gebeld, en gezegd – ga je nog op vakantie? Misschien? kom! En het was vanaf het begin een volledige collega. Hij kwam hier, en ontwierp gelijk een cassette-automaat die amper de fabriek in kon!”

  •  

    • De Productie.

      De Productie.

      Een fabriek is een systeem, van materialen, machines, mensen en meer. Een productiemanager houdt zich daarbij bezig met andere zaken dan een …
    • Gunnebo 2020: De automatisering

      Gunnebo 2020: De automatisering

      In lijn produceren - dat was in 2010 noodzakelijk om concurrerend te blijven. Nu ligt het accent op het stapsgewijs automatiseren van …
    • Thuis in Oost-Europa; werken in Nederland

      Thuis in Oost-Europa; werken in Nederland

      Hoe is het om te werken in een ander land, en slechts nu en dan naar 'thuis' te gaan? Peter Jancek is …